Museum Bronbeek

Weg tot het westen. Een koloniale ontmoeting.

Tentoonstelling in Museum Bronbeek van 13 oktober 2017 t/m 4 februari 2018.

Centraal in de tentoonstelling ‘Weg tot het Westen. Een koloniale ontmoeting’ staat het Javaanse vorstendom Mangkoenagaran, dat in 2017 260 jaar bestaat. De expositie belicht drie thema’s uit de geschiedenis van Nederland en Indonesië: de eerste kennismaking met Javaanse gamelanmuziek in Nederland en Europa, de invloed van het Westen op de vorstenhoven in Midden-Java en omgekeerd, en de ontwikkeling van legioenen. Het verhaal van de koloniale ontmoeting komt in de tentoonstelling tot leven in foto’s, films, documenten, voorwerpen, uniformen en wapens.

Javaanse muziek
In 1879 maakten Nederland en Europa voor het eerst kennis met Javaanse muziek en dans. Vorst Mangkoenegoro IV uit Soerakarta stuurde een compleet gamelanorkest naar Arnhem ter opluistering van de Nationale Tentoonstelling van Nederlandsche en Koloniale Nijverheid. De gamelangroep trad drie maanden lang bijna dagelijks op. Het orkest werd vergezeld door Pangeran Gondosiwoijo en zijn zoon Raden Mas Soenario. Deze prinsen bezochten het toenmalige Koloniaal Invalidenhuis Bronbeek en ontmoetten er de commandant J.C.J. Smits. Eerder hadden ze koning Willem III bezocht en namens Mangkoenegoro IV geschenken aangeboden. De prinsen reisden langs andere Europese hoven en werden met veel egards ontvangen.

 

Vorstenhoven op Java
De westerse cultuur was aan de vorstenhoven van Java niet onbekend. De eerste contacten dateerden uit de tijd van de VOC en zouden zich later uitstrekken op velerlei gebied. Zo zijn Westerse invloeden terug te vinden in de architectuur en de inrichting van paleizen. Tegelijkertijd handhaafden en ontwikkelden de vorstendommen hun culturele eigenheid. De elite had toegang tot het Europese onderwijs en dat gaf mogelijkheden om een studie te volgen in Nederland. De studenten troffen in Nederland een heel andere maatschappij aan dan ze kenden en verwachtten. Democratisch met veel politieke en andere vrijheden. Onderwijs zagen zij als een middel om het nationale besef te ontwikkelen en om uiteindelijk het ideaal van vrijheid en onafhankelijkheid te verwezenlijken.

Legioen van Mangkoe Negoro
Ook op militair gebied was er sinds de VOC-periode contact. De vorst kreeg jaarlijks een toelage van de VOC voor het onderhoud van zijn korps, dat door de Compagnie in tijden van onrust werd ingezet. Toen Java deel was geworden van het Koninkrijk Holland, kreeg het korps de naam Legioen. In 1816, na de Britse teruggave van de koloniën aan Nederland, stelde het Legioen van Mangkoe Negoro zich ter beschikking van het Nederlands-Indische Gouvernement. Het nam aan de zijde van het KNIL onder andere deel aan de tweede Atjeh-expeditie in 1873-’74. Tot slot werd het ingezet tegen Japan in 1942.

Museum Bronbeek

Het koloniale museum van Nederland vertelt je de geschiedenis van Nederlands-Indië. Het museum ontstond in het tehuis voor veteranen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). Dit werd in 1863 geopend op het landgoed Bronbeek. In de vaste tentoonstelling ‘Het verhaal van Indië‘ ontdek je hoe de Nederlanders vanaf eind 16de eeuw hun invloed in de Oost bevochten, gebruikten en weer verloren. 

Meer over Museum Bronbeek