Nationaal Landschap de Gelderse Poort

Sinds 2006 kennen we - naast gebieden als de Hoge Veluwe die als Nationaal Park zijn aangewezen - het begrip Nationaal Landschap: een predikaat voor internationaal zeldzame of zelfs unieke natuur- en cultuurlandschappen, waar de natuur zonodig wordt herontwikkeld, en waarin de mensen met respect voor de omgeving wonen, werken, ondernemen en recreëren.

Het Nationaal Landschap Gelderse Poort vormt één van de 'stepping stones' binnen wat ook wel de Ecologische Hoofdstructuur genoemd wordt: een 'stippellijn' van beschermde en herontwikkelde landschappen en natuurgebieden, die men vervolgens probeert onderling met elkaar te verbinden om flora en fauna een groter verspreidings- en leefgebied te geven. Uiteraard is het doel ook om niet bij de landsgrenzen halt te houden. Een lint van ruim 3000 ha natuur in Nederland wordt daarom 'aangesloten' op een strook van minstens 2000 ha in Duitsland. Ook de Gelderse Poort houdt niet bij Lobith op, maar beslaat tevens een nogal bosrijk deel van onze oosterburen. Op deze manier wordt de Hoge Veluwe op den duur via de Gelderse Poort met het Reichswald verbonden.

De Gelderse Poort, gelegen tussen twee stuwwallen, vormt het begin van de delta der grote rivieren: het gebied aan weerskanten van de Rijn, die zich hier splitst in Nederrijn, IJssel en Waal. Het is een typisch rivierenlandschap, met binnen een beperkt gebied natuur in haast alle mogelijke verschijningsvormen. Van vlakke en drassige polders en glooiende, beboste hellingen, tot door dijkdoorbraken ontstane kolken, met houtwallen omringde akkertjes, ooibossen en van mangroves voorziene oeverwallen, zandstranden en rivierduinen. Maar ook oude steenfabrieken, dijken en gemalen, kleinschalige campings, pittoreske dorpjes en de boerderijen van de veelal tot landschapsbeheerder omgevormde agrariërs.

Flora en Fauna in de Gelderse Poort
De Gelderse Poort is een uniek voorbeeldgebied dat laat zien hoe rijk aan flora en fauna een vrijwel aaneengesloten natuurgebied van vele duizenden hectaren kan zijn. Het spreekt voor zich dat het dus een mooi gebied is voor fietsen wandelliefhebbers. Steeds meer fiets- en wandelpaden ontsluiten de regio. Toeristen, wandelend of fietsend, zijn zeer welkom in deze regio. Maar met respect voor de natuur en haar bewoners. Bijvoorbeeld voor de tienduizenden kol- en rietganzen die in dit waterrijke gebied komen overwinteren. Het beeld van deze ganzen geeft de uiterwaarden in deze tijd van het jaar vanzelfsprekend een heel bijzondere aanblik. Het loont zeer zeker de moeite deze wintergasten eens nader te bekijken want de hele dag zijn ze in beweging tussen hun slaap- en drinkplaatsen en hun voedselterreinen. De grotere plassen worden gebruikt als slaapplaatsen. U vindt de ganzen langs de Kaliwaal bij Kekerdom en de Gendtsewaard. Eind februari zijn deze intergasten weer vertrokken. Overigens zijn er het hele jaar door voor de echte vogelliefhebbers voldoende bijzondere vogels te spotten.